Hemel en hel – Sociale slagvaardigheid

In het kader van ‘Zelfonderzoek’ dat in de lessen het thema is, dit verhaal:
Een strijdlustige samoerai vroeg zijn Zen-meester het concept van hemel en hel te verklaren. Maar de monnik antwoordde geringschattend: ‘Je bent een boerenpummel. Ik heb geen tijd voor mensen zoals jij!’ Tot in het diepst van zijn eer aangetast, ontstak de samoerai in razernij. Hij trok zijn zwaard uit de schede en schreeuwde: ‘Ik zou u kunnen doden om uw onbeschaamdheid.’ ‘Dat’, antwoordde de monnik kalm, ‘is de hel.’ De samoerai kalmeerde, geraakt door de waarheid in de woorden van de meester over de woede die hem in zijn greep hield. Hij verborg zijn zwaard, boog en dankte de monnik voor het inzicht. ‘En dat’, zei de monnik, ‘is de hemel.’

Rol van emoties

Dit oude Japanse verhaal wordt aangehaald in de bestseller ‘Emotionele Intelligentie’ (1996) van de Amerikaanse psycholoog Daniel Goleman. Deze stelt dat onze huidige kijk op intelligentie veel te smal is, en dat emoties een veel grotere rol spelen in denken, beslissen en persoonlijk succes dan tot nu toe werd aangenomen. De theorie van emotionele intelligentie komt van twee psychologen van de universiteit van Yale, Peter Salovey en John D. Mayer (1995). Volgens de theorie zijn er vijf manieren om te leren met je gevoelens om te gaan:

1. Zelfbewustzijn. De basis is zelfbewustzijn, met andere woorden: het van moment tot moment registreren van de eigen emoties. Het plotselinge ontwaken van de samoerai uit zijn opwinding illustreert het cruciale verschil tussen verstrikt raken in een gevoel en het bewustzijn dat je gevoel met je op de loop is gegaan. Zonder deze basisvaardigheid missen we elk inzicht in onszelf. Mensen die zekerder zijn van hun gevoelens, kunnen hun leven beter sturen omdat ze beter weten hoe ze zich werkelijk voelen over hun persoonlijke beslissingen, zoals met wie ze moeten trouwen of wat voor baan ze gaan zoeken.

2. Het reguleren of veranderen van gevoelens. Op het moment dat je gevoelens opmerkt kun je een keuze maken of je wel of niet handelt op basis van een emotionele impuls. Hiertoe behoren vermogens als jezelf moed inspreken, angstreacties uitstellen, en jezelf bewust ontspannen. Mensen die deze vaardigheden beheersen kunnen veel makkelijker opkrabbelen na tegenslagen en opdoffers.

3. Jezelf motiveren. Uit het vermogen je gevoelens te reguleren komt het vermogen jezelf te motiveren, te concentreren en je energie te richten op een bepaald doel. Een belangrijke vaardigheid hierbij is om ook bij tegenslag je aandacht op het doel gericht te houden en ruimte te maken voor creatieve oplossingen. De ‘emotionele zelfcontrole’ (uitstel van beloning en het onderdrukken van impulsiviteit) ligt aan alles wat je tot een goed einde brengt ten grondslag. Mensen die over deze vaardigheid beschikken zijn dikwijls productief in alles wat ze ondernemen.

4. Empathie. De vierde vaardigheid is empathie, het aanvoelen en herkennen van emoties van anderen. Dit leidt tot een gevoel van betrokkenheid. Mensen die empathisch zijn, hebben oog voor de subtiele sociale signalen die aangeven wat anderen nodig hebben of willen. Ze komen goed tot hun recht in bijvoorbeeld verzorgende beroepen, het onderwijs en management.

5. Sociale slagvaardigheid. Empathie leidt tot slot tot sociale effectiviteit, het beïnvloeden of reguleren van de stemming en emoties van anderen. Het is tegelijkertijd de sleutel tot overtuiging, samenwerking in groepen en harmonie binnen groepen. Mensen die hierin uitblinken, presteren goed op elk terrein dat een soepele omgang met anderen vereist.

Bron: www.holthuis.nl